© Pari-daeza

Wintersnoei versus zomersnoei

Algemeen.

1 . Zomersnoei kan altijd 2 . Zomersnoei is veelal gericht op het bevorderen van bloemknopvorming en het voorkomen van lengtegroei. Zomersnoei moet veelal herhaald worden, zie bijv. bij de peer 3 . Hetzelfde effect kan vaak ook bereikt worden door het uitbuigen van jonge twijgen en takken.

Wintersnoei: december tot april

1 . Bij voorkeur na de winter (feb/mrt) en nooit bij vorst. 2 . Snoei   een   bladverliezende   verwaarloosde   boom   bij   voorkeur   in   de   winter.   Zonder   blad   kun   je   makkelijke   het   geheel   van   takken   zien   en   keuzes   maken   welke   weg   te nemen. 3 . Zomer-bloeiende   planten   die   bloeien   op   nieuwe   scheuten:   vanaf   medio   februari   zodra   de   vorst   voorbij   is   en   voordat   de   knoppen   gaan   werken,   wintersnoei   bevordert nieuwe scheuten en daarmee bloei. 4 . Bladhoudende planten: april. 5 . Bladhoudende halfheesters (Santolina, hebe lavendel, heide, tijm, zonneroosje) terugnemen zodanig dat er nog groen aan de takken zit 6 . Klimplanten: 1 . (zomerbloeiende) clematis, passiebloem, bruidssluier, kamperfoelie terugnemen tot 30 cm boven de grond 2. (voorjaarsbloeiende)blauwe regen twijgen terugnemen op 2-3 (bloem-)knoppen

Uitzonderingen

1 . Planten met vroege sapstroom zoals druif  en kiwi, esdoorn, berk en haagbeuk: december 2 . Steenvruchten   (pruim,   kers,   abrikoos,   perzik)   alleen   snoeien   wanneer   plant   goed   aan   de   groei   is,   medio   april   –   medio   september,   dit   i.v.m.   het   voorkomen   van loodglansschimmel; bij voorkeur na de oogst 3 . Walnoot: aug 4 . Sering en gouden regen: om de paar jaar slechts een enkele tak terugnemen 5 . Magnolia, peperboompje, corylopsis, halesia en hamamelis worden niet gesnoeid

Zomersnoei: van juni tot september

1 . Fruitbomen: ontwikkelen van vruchtzetels 2 . Voorjaarsbloeiende planten die bloeien op oud hout: na de bloei 3 . Langzaamgroeiende, groenblijvende heesters (rhododendron, azalea, camelia) na de bloei vruchtbeginsels uitbreken 4 . Struiken die vruchten dragen (dwergmispel, Japanse kwee, liguster, mahoniestruik viburnum) alleen uitdunnen en evt. enkele oude takken wegnemen 5 . Blauwe regen scheuten terugnemen op 5 knoppen 6 . Walnoot aug 7 . Wanneer nodig Wortelsnoei :  medio mei op ca. 50 cm. tot 1 m.; bij voorkeur in 2 jaar elk jaar de helft Snoeiagenda :  zie de snoei agenda voor de soort specifieke snoei periode Soortenbeschrijving :  zie hier voor soort specifieke wijze van snoeien in de onderscheiden periodes Snoeien kuipplanten : zie hier voor een aantal voorbeelden van de snoei van kuipplanten

Vorige onderwerp snoeien

Volgende onderwerp snoeien

PARI-DAEZA De Verborgen Tuinen van Dick en Jeannette Vonhof
Pari-daeza
De Verborgen Tuinen van Dick en Jeannette Vonhof

© Pari-daeza

Wintersnoei versus zomersnoei

Algemeen.

1 . Zomersnoei kan altijd 2 . Zomersnoei     is     veelal     gericht     op     het     bevorderen     van bloemknopvorming    en    het    voorkomen    van    lengtegroei. Zomersnoei   moet   veelal   herhaald   worden,   zie   bijv.   bij   de peer 3 . Hetzelfde    effect    kan    vaak    ook    bereikt    worden    door    het uitbuigen van jonge twijgen en takken.

Wintersnoei: december tot april

1 . Bij voorkeur na de winter (feb/mrt) en nooit bij vorst. 2 . Snoei   een   bladverliezende   verwaarloosde   boom   bij   voorkeur in   de   winter.   Zonder   blad   kun   je   makkelijke   het   geheel   van takken zien en keuzes maken welke weg te nemen. 3 . Zomer-bloeiende   planten   die   bloeien   op   nieuwe   scheuten: vanaf   medio   februari   zodra   de   vorst   voorbij   is   en   voordat   de knoppen     gaan     werken,     wintersnoei     bevordert     nieuwe scheuten en daarmee bloei. 4 . Bladhoudende planten: april. 5 . Bladhoudende   halfheesters   (Santolina,   hebe   lavendel,   heide, tijm,   zonneroosje)   terugnemen   zodanig   dat   er   nog   groen   aan de takken zit 6 . Klimplanten: 1 . (zomerbloeiende)          clematis,          passiebloem, bruidssluier,     kamperfoelie     terugnemen     tot     30     cm boven de grond 2. (voorjaarsbloeiende)blauwe regen twijgen terugnemen op 2-3 (bloem-)knoppen

Uitzonderingen

1 . Planten   met   vroege   sapstroom   zoals   druif      en   kiwi,   esdoorn, berk en haagbeuk: december 2 . Steenvruchten   (pruim,   kers,   abrikoos,   perzik)   alleen   snoeien wanneer   plant   goed   aan   de   groei   is,   medio   april   –   medio september,   dit   i.v.m.   het   voorkomen   van   loodglansschimmel; bij voorkeur na de oogst 3 . Walnoot: aug 4 . Sering   en   gouden   regen:   om   de   paar   jaar   slechts   een   enkele tak terugnemen 5 . Magnolia,   peperboompje,   corylopsis,   halesia   en   hamamelis worden niet gesnoeid

Zomersnoei: van juni tot september

1 . Fruitbomen: ontwikkelen van vruchtzetels 2 . Voorjaarsbloeiende   planten   die   bloeien   op   oud   hout:   na   de bloei 3 . Langzaamgroeiende,                groenblijvende                heesters (rhododendron,   azalea,   camelia)   na   de   bloei   vruchtbeginsels uitbreken 4 . Struiken   die   vruchten   dragen   (dwergmispel,   Japanse   kwee, liguster,   mahoniestruik   viburnum)   alleen   uitdunnen   en   evt. enkele oude takken wegnemen 5 . Blauwe regen scheuten terugnemen op 5 knoppen 6 . Walnoot aug 7 . Wanneer nodig Wortelsnoei :    medio   mei   op   ca.   50   cm.   tot   1   m.;   bij   voorkeur   in   2 jaar elk jaar de helft Snoeiagenda :    zie   de   snoei   agenda   voor   de   soort   specifieke   snoei periode Soortenbeschrijving :     zie    hier    voor    soort    specifieke    wijze    van snoeien in de onderscheiden periodes Snoeien   kuipplanten :   zie   hier   voor   een   aantal   voorbeelden   van   de snoei van kuipplanten

Vorige onderwerp snoeien

Volgende onderwerp snoeien

Homepage Planten Tuinwerk
Planten en tuinwerk Planten en tuinwerk